EU moet sancties in stelling brengen om einde te maken aan Israëlische bezetting

20160703-initiative-for-the-Middle-East-Peace-Process

Op 3 juni 2016 verzamelden buitenlandministers uit 29 landen in Parijs voor een internationale conferentie over het Israëlisch-Palestijnse vredesproces. De slotverklaring raakte niet verder dan de recyclage van elementen waarover al decennia lang een consensus bestaat. België en de EU moeten een versnelling hoger schakelen om Israël onder druk te zetten een einde te maken aan de bijna 50 jaar durende bezetting. Het kan hiertoe een aantal carrots aanbieden, maar moet vooral ook meer sticks in stelling brengen.

De deelnemers stelden 'gealarmeerd te zijn dat voortdurende daden van geweld en blijvende nederzettingenactiviteit het vooruitzicht op een twee-statenoplossing in gevaar brengen'. De 29 buitenlandministers benadrukten dat 'beide zijden een oprechte toewijding moeten tonen om de voorwaarden te creëren voor het volledig beëindigen van de Israëlische bezetting'. De slotverklaring beloofde voor het einde van 2016 een nieuwe internationale conferentie bijeen te roepen.

Evenveel schuld?

De conferentie slaagde er dus niet in verder te komen dan het recycleren van gemeenplaatsen over het Israëlisch-Palestijnse conflict. De deelnemers bereikten een "akkoord" over zaken waarover ze het al enkele decennia eens zijn.

De slotverklaring wekt ook de valse indruk dat de Israëlische bezetter en het bezette Palestijnse volk evenveel schuldig zijn aan het uitblijven van een vredesakkoord. Het identificeert de voortdurende Israëlische nederzettingenexpansie niét als vredesobstakel nummer 1, en negeert het feit dat de huidige Israëlische regering zich openlijk verzet tegen de creatie van een Palestijnse staat. De verklaring laat ook na Israël op zijn internationaalrechtelijke verplichtingen als bezetter te wijzen, en te waarschuwen voor gevolgen bij blijvende schendingen van het internationaal recht. Het verwijst ook niet naar het feit dat de Israëlische bezetting in 2017 zijn vijftigste "verjaardag" viert, terwijl een bezetting onder internationaal recht als iets tijdelijks wordt beschouwd.

Wortels ok, maar ook stok nodig

Zonder extra druk op Israël zal 2017 niet de laatste "verjaardag" van de Israëlische bezetting zijn. Carrots aanbieden is ok, maar niet nieuw: de EU bood beide partijen in december 2013 al een "Special Privileged Partnership" aan dat in werking zou treden vanaf een finaal vredesakkoord. Israël reageerde nooit op deze uitgestoken hand.

De EU en België moeten zich dus niet beperken tot het aanbieden van "wortels", maar ook durven dreigen met een "stok". Zo kan België in EU-verband pleiten voor een verdere Europese "differentiatie" tussen Israël en de Israëlische nederzettingen, en op Belgisch niveau de bestaande richtlijnen rond labelling van nederzettingenproducten volledig implementeren en een duidelijk territorialiteitsbeperking inschrijven in bilaterale akkoorden met Israël. België moet verder ook een nationaal importverbod op nederzettingenproducten instellen en binnen de EU pleiten voor een algemeen Europees importverbod. Indien Israël het internationaal humanitair recht en de internationale mensenrechtenwetgeving op grootschalige wijze blijft schenden, moet de EU het Associatieakkoord met Israël opschorten.

Willem Staes
Beleidsmedewerker Midden-Oosten

Deel dit artikel