'Hongkong wordt het Stalingrad van de Wereldhandelsorganisatie'

De andersglobalistische beweging wet haar messen. Deze week beginnen actievoerders in Genève met eerste protesten, in november is Brussel aan de beurt en in december wordt wereldwijd betoogd. Het doel: voor een derde keer een ministerconferentie van de Wereldhandelsorganisatie (WHO) doen ontsporen.


De WHO wil in december op haar ministerconferentie in Hongkong een akkoord bereiken over een verdere liberalisering van de internationale handel. De tegenstanders hopen dat de top mislukt, net als eerdere WHO-bijeenkomsten over hetzelfde thema in 1999 in Seattle en 2003 in CancĂșn. Ze denken in Hongkong minstens 8.000 aanhangers op de been te kunnen brengen. De aanloop naar de top lijkt vooral voor de Europese delegatie heet te worden.

'We willen de onderhandelingen van de Wereldhandelhandelsorganisatie laten vastlopen', zegt Iara Pietricovsky van het Instituut voor Sociale en Economische Studies (Inesc) in Brazilië. 'Vooral Afrika en Latijns-Amerika hebben er niets van te verwachten.' Walden Bello, de directeur van Focus on the Global South en één van de iconen van de andersglobalistische beweging, denkt dat het mogelijk is. 'In de mislukking van Seattle en CancĂșn hadden burgerorganisaties ook een belangrijk aandeel.'

'Hongkong wordt het Stalingrad van de Wereldhandelsorganisatie', luidt het adagium van de actievoerders. In de Russische stad, die sinds 1961 weer Volgograd heet, diende het Rode Leger de Duitse invasiemacht in 1943 een beslissende nederlaag toe.

De andersglobalisten plannen hun eerste offensieven deze en volgende week in Genève, de zetel van de WHO. Boeren en andere actievoerders uit Zwitserland en omstreken betogen een eerste keer op 15 oktober, een dag na een belangrijke vergadering van het comité voor Handelsonderhandelingen. Florence Proton van Attac-Zwitserland denkt dat er die dag zeker 5.000 betogers zullen opdagen voor het gebouw van de WHO.

Met prikacties en lobbywerk proberen ontwikkelingsorganisaties, vakbonden en milieugroepen daarna ook druk te zetten op de leden van de Algemene Raad van de WHO, die op 19 en 20 oktober bijeenkomt in Genève. De andersglobalisten geloven dat de WHO meer dan vroeger overeenstemming wil bereiken over de moeilijkste punten van de onderhandelingen vóór het begin van de ministertop. Daardoor wordt de kans kleiner dat de top zelf mislukt en zo nieuwe deuk maakt in het imago van de WHO.

In november zetten de Europese actievoerders hun beste beentje voor. Op 8 november organiseren ze in Brussel een lobbycampagne om leden van het Europese Parlement en medewerkers van de Europese instellingen van hun gelijk te overtuigen. Op 21 november volgt een betoging in Brussel voor de plaats waar de Europese ministers van Handel dan samen zitten om Hongkong voor te bereiden.

Op 10 december, drie dagen voor het begin van de WHO-top in Hongkong, organiseert de anderglobalistische beweging in hoofdsteden over heel de wereld dan nog een betoging om de delegaties met de laatste vermanende woorden op pad te sturen. In Hongkong zelf verwacht Bello van Focus on the Global South minstens 8.000 actievoerders. Groepen uit Zuid-Korea zouden alleen al met 2.000 tot 3.000 betogers naar Hongkong trekken.

De Wereldhandelsorganisatie wil in december een akkoord rond hebben dat toelaat de Doha-ronde verder te zetten, een in 2001 gelanceerde onderhandelingsronde over de vrijmaking van de wereldhandel waarbij de belangen van de ontwikkelingslanden centraal zouden moeten staan. Maar de ronde werd een aaneenschakeling van gemiste deadlines en afgebroken gesprekken. De standpunten van de geïndustrialiseerde wereld en de ontwikkelingslanden liggen ver uiteen, en de bereidheid om toegevingen te doen, is beperkt.

Centrale onderhandelingsthema's zijn landbouw, diensten, invoertarieven voor nijverheidsgoederen en intellectuele eigendomsrechten. De ontwikkelingslanden staan er ook op dat arme landen een speciale behandeling krijgen en dat eerdere gunstmaatregelen voor de ontwikkelingslanden ook worden uitgevoerd. Grote struikelblokken zijn onder meer de landbouwsubsidies waarmee Europa, de VS en Japan hun boeren helpen, en de moeilijkheden om een uitzonderingsregeling te vinden voor de uitvoer van goedkope generische geneesmiddelen naar arme landen.

Bij vroegere onderhandelingsrondes over de vrijmaking van de wereldhandel kwam vroeg of laat altijd een compromis uit de bus waarin de belangen van de ontwikkelingslanden weinig aandacht kregen. In deze onderhandelingsronde hebben zowel de grote ontwikkelingslanden als ook de Afrikaanse landen front gevormd om dat te verhinderen. Nog meer dan de ontwikkelingslanden vindt de andersglobalistische beweging dat geen akkoord beter is dan een slecht akkoord. (PD)

Deel dit artikel