Braziliaanse indianen op de barricades

Braziliaanse indianen hebben de voorbije weken op verschillende plaatsen land bezet dat ze terugeisen van ondernemingen en grootgrondbezitters. De afbakening van de gebieden waarop de oorspronkelijke bewoners van Brazilië recht hebben, gaat tergend traag. En veel ambtenaren en politici beschouwen de 400.000 indianen nog altijd als tweederangsburgers.


Eind januari bezetten honderden Tupinambá- en Pataxóindianen acht grondstukken in Itajú de Colonia in de noordoostelijke deelstaat Bahía. Het land waarop ze aanspraak maken, werd door het gerecht toegewezen aan grote landeigenaars. De bezetters klagen dat ze aanvallen te verduren krijgen van huurlingen. Ze hebben met aanslagen tegen stroomleidingen gedreigd als hun zaak niet opnieuw bekeken wordt.

Iets verder naar het zuiden, in de deelstaat Espíritu Santo, raakte een week eerder een twaalftal indianen gewond toen de politie twee inheemse dorpen met de grond gelijk maakte in een gebied waarop de cellulosefabriek Aracruz aanspraak maakt.

Gelijkaardige incidenten deden zich de voorbije maanden voor van het noorden van het Amazonegebied tot in de zuidelijke deelstaat Santa Catarina. Daar belandden in december acht leden van de Kaingang-gemeenschap in de gevangenis omdat ze een landgoed hadden bezet en er vernielingen hadden aangericht.

De recente landconflicten zijn het gevolg van de trage afbakening van indianenreservaten, zegt Saulo Feitosa, de ondervoorzitter van de Katholieke Inheemse Missionaire Raad (CIMI). Per jaar werkt de regering amper zes indianengebieden af - op die manier duurt het nog 45 jaar voor alle grenzen wettelijk zijn vastgelegd.

De overheid treedt volgens Feitosa ook niet voldoende op tegen kolonisten die in de inheemse gebieden binnendringen. Na lang wachten is het fel omstreden Raposa Serra del Sol-reservaat in de noordelijke deelstaat Roraima bijvoorbeeld eindelijk officieel afgebakend, maar de blanke boeren die zich delen van het gebied hebben toegeëigend, zijn er nog altijd niet vertrokken. Daardoor duren de aanvallen op inheemse groepen en de gerechtelijke disputen voort.

Indianenlevens wegen nog altijd niet zwaar in Brazilië. Volgens Feitosa zijn er vorig jaar 39 Braziliaanse indianen gewelddadig aan hun einde gekomen. Ze werden vermoord door de politie of huurlingen van grootgrondbezitters, of stierven in onderlinge conflicten die het gevolg zijn van de 'de kleine gebieden waarin ze zich moeten ophouden'.

Volgens de CIMI verwaarloost de overheid ook de gezondheidszorg in de indianengebieden. Daardoor zouden dit jaar in de deelstaat Tocantins al tien kinderen zijn gestorven. In 2005 vond de instelling bewijzen voor 136 sterfgevallen onder indianen die verband houden met een gebrek aan gezondheidszorgen. Daarnaast stierven ook nog eens 44 kinderen als gevolg van ondervoeding.

Zelfs in de Funai, de overheidsdienst die het lot van de inheemse bevolking in Brazilië ter harte neemt, rommelt het. Vorige week namen vijf antropologen ontslag uit een adviesraad die de instelling bijstaat. In hun ontslagbrief hebben ze het over de 'verouderde concepten' waarmee de Funai blijft werken. Inheemse groepen worden er nog altijd geclassificeerd als 'onbeschaafd' of 'op weg naar integratie'. De Funai zou ook 'absoluut legitieme eisen' van de indianen wegwuiven.

De vijf antropologen dienden hun ontslag in nadat Funai-voorzitter Mercio Pereira Gomes zich had laten ontvallen dat de wetgever de territoriale eisen van inheemse groepen zou moeten beperken. Volgens hem hebben de indianen al te veel land toegewezen gekregen. Pereira speelt daarmee in de kaart van de grootgrondbezitters, die een machtige lobbygroep vormen in het parlement.

Inheemse groepen bereiden zich voor op grote protestacties in april, naar aanleiding van een nationale conferentie die de Funai dan organiseert. (PD)

IPS DOOR:

Deel dit artikel