Braziliaanse schuld smelt weg

De buitenlandse schuld van Brazilië smelt weg als sneeuw voor de zon. Het schuldenvraagstuk is binnen vier jaar helemaal van de baan, voorspellen sommige experts. In de jaren 80 en 90 leek de torenhoge schuld nog een molensteen om de hals van de grootste economie in Latijns-Amerika.


Brazilië stond eind vorig jaar voor 165 miljard dollar (136 miljard euro) in het krijt bij buitenlandse schuldeisers. Dat is het laagste bedrag van de voorbije 10 jaar. In oktober bedroeg de buitenlandse schuld van Brazilië nog ruim 181 miljard dollar (150 miljard euro). Maar toen loste het land in een klap een schuld van 15,4 miljard dollar (12,7 miljard euro) bij het Internationaal Monetair Fonds af. Eigenlijk had Brazilië daarmee nog tot 2007 kunnen wachten.

Van de huidige schuld kan 54 miljard dollar (45 miljard euro) worden afgetrokken, het bedrag dat het land aan deviezen in kas heeft. De netto schuld die dan overblijft, ligt voor het eerst in jaren lager dan wat Brazilië in één jaar verdient door zijn export. Een wereld van verschil met 2002: toen lag de buitenlandse schuld nog drie keer hoger dan het jaarlijkse exportresultaat.

Mexico, dat in de jaren 80 nog zwaarder onder een buitenlandse schuldenberg gebukt ging dan Brazilië, zegt dat het intussen theoretisch vrij van buitenlandse schulden is. Het land heeft 69 miljard dollar (57 miljard euro) aan deviezen opgepot. Dat is meer dan wat het land aan zijn overzeese schuldeisers moet.

Brazilië kan tegen 2010 zo ver zijn als de economie blijft draaien als vandaag, zegt Luiz Carlos Mendonça de Barros, een voormalige minister van Communicatie en raadgever van presidentskandidaat Geraldo Alckmin.

Maar Brazilië is nog niet uit de gevarenzone, werpen critici op. “De buitenlandse schuld blijft een probleem”, oordeelt Carlos Tadheu, een voormalige directeur van de Braziliaanse Nationale Bank. Volgens hem zijn de Braziliaanse deviezenreserves nog lang niet groot genoeg om het land te behoeden voor financieel onheil – “ze kunnen binnen minuten verdwijnen”.

Brazilië kan zijn schuld afbouwen omdat het al enkele jaren een groot handelsoverschot boekt. Dat is het gevolg van goede grondstoffenprijzen. Maar aan die hoge prijzen zal vroeg of laat een einde komen. En als dat niet het geval is, dreigt Brazilië het slachtoffer te worden van de overwaardering van zijn munt, die de concurrentiekracht van de Braziliaanse bedrijven aantast.

Een nieuwe internationale financiële crisis kan nog altijd aanleiding geven tot een massale kapitaalvlucht uit Brazilië, waarschuwen ook Braziliaanse activisten van Jubilee South, een netwerk dat voor schuldkwijtschelding voor de ontwikkelingslanden opkomt. Dan zou Brazilië snel weer nieuwe buitenlandse schulden kunnen ophopen.

De afbouw van de Braziliaanse schuldenberg gaat overigens gepaard met bloed, zweet en tranen. Volgens Jubilee South gaf Brazilië vorig jaar aan gewone rentebetalingen en aflossing van de hoofdsommen meer dan 9 miljard dollar (7,4 miljard euro) uit. Dat is evenveel als het land investeert in onderwijs en landbouwhervorming samen.

De voortijdige aflossing van de schuld bij het IMF financierde Brazilië door de uitgifte van staatsobligaties met een rentevoet die ongeveer drie keer hoger ligt dan de interest die bij het IMF moest worden betaald. Buitenlandse schuld werd daardoor binnenlandse schuld, maar Brazilië deed er wel een heel slechte zaak aan, vindt Affonso Celso Pastore, een voormalige voorzitter van de Nationale Bank van Brazilië. (PD)

IPS DOOR:

Deel dit artikel