Chikungunya bedreigt toeristenparadijs Kerala

Een romantische cruise over kanalen langs rijstvelden en kokospalmen is het toeristische uithangbord in de zuidelijke Indiase deelstaat Kerala. Groot was dan ook de ontzetting bij de autoriteiten toen een recente uitbraak van het chikungunyavirus 125 mensenlevens kostte. De muggen die het virus overbrengen gedijen door de industriële vervuiling van de binnenwateren.


Kerala kan inzake gezondheidszorg en onderwijs statistieken voorleggen die niet moeten onderdoen voor die van een westers industrieland. Toch konden de hospitalen in september en oktober de toevloed van tienduizenden patiënten met symptomen van chikungunya niet slikken. Tegen 12 oktober waren 125 mensen aan het virus bezweken, vooral in het subdistrict Cherthala, dat in de toeristische regio van bevaarbare binnenmeren en kanalen ligt.

De Indiase minister van Gezondheid, Anbumani Ramadoss, was een van de eersten om de uitbraak in verband te brengen met vervuiling van de oppervlaktewateren in Kerala. De traditionele rijstlandbouw boert er achteruit ten voordele van kleine bedrijfjes die vis verwerken of kokosvezel maken. Het industriële afvalwater brengt het delicate natuurlijk evenwicht van de binnenwateren uit balans.

Schubben en pellen

Alleen al ten noorden van Cherthala dumpen een honderdtal vis- en garnalenverwerkende bedrijfjes schubben en pellen in kanalen, wat leidt tot verstoppingen. “Stinkend en slijmerig water is een echte pest in de streek. De overheid doet niets en de mensen hier zijn te arm om zich te organiseren en hun stem te laten horen”, zegt journalist C. Radhakrishnan uit Cherthala, die als een van de eersten over de uitbraak van Chikungunya berichtte.

Ook de meer dan duizend kleine producenten van kokosvezel dragen bij tot de last. Om de vezels te isoleren laten ze de kokosschelpen enkele maanden in het water liggen. Bij het roten van de kokosschelpen verdwijnt heel wat zuurstof uit het water, wat leidt tot de sterfte van vissen en kikkers, de natuurlijke vijanden van de mug. Daarnaast zijn er de lozingen van de verfstoffen die de producenten gebruiken om kokosmatten te kleuren.

De milieuproblemen zijn niet nieuw. De omwonenden van het meer van Vembanad herinneren zich de massale vissterfte van enkele jaren geleden, als gevolg van de industriële vervuiling van de kanalen die in het meer uitmonden. “Eerst stierven de vissen, nu de mensen”, zegt Radhakrishnan, “We betalen de prijs voor de toenemende vervuiling”.

Lokale boeren hebben een andere verklaring voor de chikungunya-epidemie. Heel wat boeren hebben hun rijstvelden opgegeven omdat ze de concurrentie met goedkope importrijst niet meer aankonden. “Vroeger konden de muggen zich niet voortplanten omdat we de leegstaande rijstvelden regelmatig schoonmaakten. Nu doet niemand er nog wat aan”, zegt de voormalige rijstboer T. Gopalan.

Kritiek

De Commissie voor Controle op Milieuvervuiling van de deelstaat Kerala kwam na de uitbraak zwaar onder vuur te liggen. Ze kreeg het verwijt niet genoeg te hebben ondernomen om het water weer gezond te maken, hoewel ze de problematiek al aankaartte in een rapport uit 2002. Commissievoorzitter G. Rajamohan geeft toe dat er “werk aan de winkel is” maar ontkent al die tijd met zijn vingers te hebben zitten draaien.

“De visverwerkende industrie heeft drie maanden de tijd gekregen om haar boeltje schoon te maken, anders mag ze de boeken dichtdoen”, zegt Rajamohan. De kokosvezelindustrie staat volgens de commissievoorzitter op het punt een alternatieve technologie te introduceren voor het rotingsproces. De grote kokosververijen maken werk van waterzuiveringsinstallaties, terwijl de kleinere aangesloten worden op gemeenschappelijke zuiveringsstations. IPS (MC/BV)

IPS DOOR:

Deel dit artikel