Darfur verder op weg naar de hel

Het vredesakkoord van begin mei en de nieuwe resolutie van de VN-Veiligheidsraad brengen Darfur geen soelaas. De voorbije week voerden de Janjaweed, de beruchte Arabische milities, nieuwe aanvallen uit op dorpen en vluchtelingenkampen in West-Sudan en het oosten van Tsjaad. Intussen zijn de gevechten tussen verschillende rebellenfacties in de streek nog heviger geworden. Meer dan 700.000 ontheemden en vluchtelingen krijgen geen noodhulp, schatten de Verenigde Naties.


Donderdag werd het hoofdkwartier van het Sudanese Bevrijdingsleger (SLA), de belangrijkste rebellengroep die op 5 mei het Vredesakkoord voor Darfur ondertekende, aangevallen door de rivaliserende Beweging voor Gerechtigheid en Gelijkheid. De bedoeling was allicht de top van het SLA te liquideren en meteen ook het vredesakkoord te torpederen. Ook een derde rebellenbeweging heeft het akkoord niet ondertekend.

De ergste vijanden van de rebellen, de door de Sudanese regering gesteunde of minstens getolereerde Janjaweed, blijven intussen lelijk huis houden in het oosten van Tsjaad, waar veel vluchtelingen uit Darfur een onderkomen hebben gezocht. De belaagde president van Tsjaad, Idriss Deby, heeft naar verluidt zijn leger teruggetrokken naar de steden en kazernes in de streek. De hulporganisaties halen hun medewerkers ook weg, waardoor meer dan 350.000 plaatselijke boeren en Sudanese vluchtelingen aan hun lot zijn overgelaten.

"De Sudanese milities rukken steeds verder op in Tsjaad. Ze plunderen er de dorpen”, zegt Peter Takirambudde, de directeur voor Afrika van de Amerikaanse mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch. Vorige maand zouden de Janjaweed samen met strijders die ze in Tsjaad zelf hebben gerekruteerd, meer dan honderd mensen hebben vermoord in enkele dicht bij elkaar gelegen dorpen.

Human Rights Watch, Amnesty International en de International Crisis Group (ICG) vinden dat de de VN-Veiligheidsraad zo snel mogelijk een sterke VN-vredesmacht voor Darfur op de been moet brengen. Nu zijn er in de regio, die zo groot is als Frankrijk, enkel 7.000 licht bewapende soldaten van een observatiemacht van de Afrikaanse Unie actief. Die slagen er niet in het geweld in te dammen.

Darfur is al drie jaar in de greep van extreem geweld. Daarbij zijn al honderdduizenden mensen omgekomen. De ontwikkelingen van de voorbije dagen doen het optimisme van begin deze maand teniet. De regering in Khartoem en de grootste rebellengroep ondertekenden een vredesakkoord, en de Veiligheidsraad keurde een resolutie goed waarin ze Sudan aanmaant de VN-medewerkers bij te staan die in Darfur de versterking van de observatiemissie van de Afrikaanse Unie en hun aflossing door een grotere VN-vredesmacht moeten voorbereiden.

Khartoem gaf de VN-mensen de toesteming om naar Darfur te reizen, maar begon meteen daarna moeilijk te doen over het precieze doel van de missie. “Over de rol van de VN is nog niets beslist”, verklaarde de Sudanese presidentiële adviseur Mustafa Osman Ismail vrijdag.

Experts geloven dat Khartoem verder probeert tijd te winnen. Zolang slechts één van de drie rebellenbewegingen het vredesakkoord heeft ondertekend en de rebellen het tegen het elkaar opnemen, is de situatie zo gecompliceerd dat er van een krachtdadig internationaal ingrijpen geen sprake kan zijn. Als er geen sterke VN-vredesmissie is om Khartoem op de vingers te kijken, kan de terugkeer van de naar schatting twee miljoen ontheemden op de lange baan geschoven worden. De Sudanese regering moet ook niets ondernemen om de Janjaweed te ontwapenen en de rebellen medezeggenschap te geven in het bestuur van de regio. (PD)

IPS DOOR:

Deel dit artikel