Hoe goed gaat het werkelijk met Colombia?

Op 30 september reizen zeven Belgische parlementsleden naar Colombia, op uitnodiging van het Colombiaanse parlement. Ze gaan er op werkbezoek. Ongetwijfeld krijgt de Belgische delegatie vooral de positieve evoluties in Colombia te zien. Sinds het aantreden van president Uribe in 2002 boekte het leger diverse militaire overwinningen, zoals het uitschakelen van belangrijke kopstukken van de FARC en de bevrijding van Ingrid Betancourt. De extreem rechtse paramilitaire groepen, verantwoordelijk voor gruweldaden tegen de burgerbevolking, zijn gedemobiliseerd.

De ‘officiële’ opvatting stelt dat er in Colombia geen paramilitarisme meer bestaat en dat het einde van de FARC nabij is. Colombia is dus een post-conflictland geworden. Vanuit onze vaststellingen op het terrein kunnen we daar ernstige kanttekeningen bij plaatsen. Graag geven we deze mee aan de parlementaire delegatie:
  1. Sinds 2002 heeft Colombia zwaar ingezet op het versterken van zijn veiligheidsapparaat zodat het aantal moorden en massamoorden daalde. De mensenrechtenorganisaties spreken dit niet tegen, maar benadrukken ook de perverse gevolgen van Uribe zijn politiek van “democratische veiligheid”. Om resultaten te boeken hebben verschillende militaire eenheden burgers omgebracht en gepresenteerd als gesneuvelde guerrillero’s. Het gaat om honderden gevallen (in 2008 alleen al 175 slachtoffers). Er is dus aanhoudende internationale druk nodig om deze buitengerechtelijke executies te doen ophouden en de verantwoordelijken te berechten.
  2. De regelgeving en praktijk rond het demobilisatieproces van de paramilitairen, die samen met leger en politie verantwoordelijk zijn voor ruim 70% van de mensenrechtenschendingen in Colombia, zijn erg omstreden. Zij kregen een ruime vorm van amnestie en bijna al hun belangrijke kopstukken werden aan de VS uitgeleverd. Daar worden ze wel berecht voor drugsdelicten, maar de waarheid over hun andere misdaden en wie hun opdrachtgevers zijn wordt niet verder onthuld. Voor de slachtoffers is dit een immense klap. Het Hooggerechtshof wil nieuwe uitleveringen verhinderen. Het is van groot belang dat de internationale gemeenschap het Hof steunt in beslissingen die een einde helpen maken aan de straffeloosheid.
  3. Ondanks de positieve economische cijfers leeft bijna de helft van de Colombiaanse bevolking onder de armoedegrens. Meer dan een derde daarvan is extreem arm. De desplazados internos vormen de meest kwetsbare groep: tussen 3 en 4 miljoen gedwongen ontheemden die alles verloren en weinig kans maken op echte schadevergoeding of teruggave van hun grond. Het Grondwettelijk Hof heeft de overheid aangemaand om deze groep veel beter te ondersteunen en te beschermen. Paramilitaire groepen hebben naar schatting tussen de 4 en 6 miljoen hectaren grond ingepalmd. Het demobilisatieproces met de paramilitairen voorziet slechts in beperkte mate de teruggave van de gestolen gronden. Tot nu toe zijn amper 5000 hectaren gerecupereerd. En als de staat grond te verdelen heeft, krijgen grote privébedrijven voorrang op families van ontheemden.
  4. Colombia telt nog altijd het hoogste aantal vermoorde vakbondsleden ter wereld (in 2009 zijn dat er al 24) en gemiddeld sterft elke maand een mensenrechtenactivist. Wie opkomt voor meer respect voor de mensenrechten moet werken in een sfeer van wantrouwen, tegenwerking en doodsbedreigingen. De inlichtingendienst DAS, die onder rechtstreeks bevel van de president staat, heeft jarenlang zonder gerechtelijk bevel telefoons afgeluisterd, communicatie onderschept en intieme informatie vergaard van zowat alle belangrijke mensenrechtenorganisaties, internationale ngo’s,  journalisten, leden van de oppositie en zelfs rechters van het Hooggerechtshof. Deze informatie zou aan paramilitairen zijn doorgespeeld en gebruikt om vals bewijsmateriaal te fabriceren en anonieme intimidaties en bedreigingen te uiten – allemaal om hun legitieme werk te neutraliseren en te beperken.
De slachtoffers van het Colombiaanse conflict hebben niet enkel recht op vrede, maar ook op waarheid, gerechtigheid, herstel en sluitende garanties dat het geweld niet herhaald wordt. België is sinds juni 2009 voorzitter van de VN-Raad voor de mensenrechten en vanaf juni volgend jaar neemt ons land het voorzitterschap op van de Europese Unie. We hopen dat België binnen dat kader de internationale gemeenschap mee blijft mobiliseren om een integraal vredesproces met respect voor de mensenrechten in Colombia mogelijk te maken. 


Ondertekenaars:


Voor aanvullende informatie bij dit opiniestuk, zie de volgende documenten (in het Engels) :

Deel dit artikel