India en China leveren ellebogengevecht op Afrikaanse markt

Diplomaten en zakenlui uit China en India verdringen elkaar in Afrika. Beide landen willen een groter marktaandeel en betere toegang tot grondstoffenvoorraden.


De Indiase premier Manmohan Singh was vorige week vier dagen lang in Zuid-Afrika, de sterkste economie van het continent. In juni deed Chinese premier Wen Jiabao naast Zuid-Afrika ook Egypte, Ghana, Congo-Brazzaville, Angola, Tanzania en Uganda aan. En in april bezocht de Chinese president Hu Jintao met een delegatie van uitgelezen ondernemers Marokko, Kenia en Nigeria.

"De concurrentie tussen China en India in Afrika is al drie jaar intens", zegt Peter Draper, een onderzoeker van het Zuid-Afrikaans Instituut voor Internationale Aangelegenheden, een denktank van de Universiteit van Witwatersrand in Johannesburg. Het continent vaart er volgens hem wel bij. "Afrika verwerft daardoor een betere onderhandelingspositie".

"De dominantie van de traditionele handelspartners uit Europa en Noord-Amerika neemt af", stelt Sanusha Naidu vast. Naidu is een onderzoeker van het Centrum voor Chinese Studies aan de universiteit van Stellenbosch in de buurt van Kaapstad. "China en India worden geduchte concurrenten". Volgens de Wereldbank gaat 27 procent van de Afrikaanse export nu naar Azië, het drievoudige van het aandeel van 1990, en vergelijkbaar met de cijfers die Europa en Noord-Amerika doen optekenen.

De handel tussen India en Afrika steeg van 967 miljoen dollar in 1990-1991 tot 9,14 miljard dollar in 2004-2005. De handel tussen China en Afrika verviervoudigde de afgelopen vijf jaar tot 40 miljard dollar in 2005. Die snelle toename heeft alles te maken met de snelle groei van de twee Aziatische economieën. Die moeten daardoor overal op zoek naar olie en grondstoffen.

Aan de steile groei van de handel tussen Afrika en Azië zitten ook problemen vast. Actiegroepen klagen al lang dat Peking meer oog heeft voor zijn zakelijke belangen dan voor mensenrechtenschendingen in landen als Zimbabwe en Sudan.

"India heeft een hele traditie op het vlak van de mensenrechten, het is een van de oudste democratieën in de wereld", zegt Draper. "China is problematischer." Dat neemt niet weg dat ook India investeert in bedenkelijke landen. Het Chinese CNPC heeft een belang van 40 procent in de Sudanese Greater Nile Petroleum Operating Company (GNPOC), maar het Indiase ONGC Videsh Ltd bezit via een omweg ook een kwart van de aandelen in het bedrijf.

Afrikaanse wetenschappers waarschuwen ervoor het kind met het badwater weg te gooien. "Er worden ook vragen gesteld bij Chinese ondernemingen die goedkope arbeidskrachten uit China importeren omdat ze die makkelijker onder de knoet kunnen houden", zegt Naidu van het Centrum voor Chinese Studies. "Maar uiteindelijk wint Afrika wel bij de commerciële relaties met China: de Chinese investeringen in infrastructuur mogen gezien worden." China bouwt wegen, bruggen en spoorwegen van Angola tot Uganda, en breidt bijvoorbeeld ook het stroomnet in Kenia uit.

"Afrika profiteert nog nauwelijks van de mogelijkheden die de enorme Chinese landbouwmarkt biedt", oordeelt Barbara Kalima-Phiri van de Southern Africa Trust, een niet-gouvernementele organisatie in Johannesburg. "Aan India zou Afrika nog meer olie kunnen leveren." Afrika kan dan weer voordeel doen bij de voorsprong die India heeft op het vlak van informatica en handel."

Kalima-Phiri vindt niet dat China en India over lijken gaan om beslag te leggen op een zo groot mogelijk marktaandeel in Afrika, zoals de koloniale machten dat wel deden. "Er wordt niet gevochten. China, India en Afrika zijn partners die zaken willen doen." IPS (PD/MC)

IPS DOOR:

Deel dit artikel