IPS: Activisten boeken weer succes in stuwdamsaga India

De Indiase overheid heeft de werkenzaamheden aan de Maheshwar-dam in India opnieuw stilgelegd onder druk van activisten. Zij beweren dat het nog steeds mogelijk is te beletten dat bijna 10.000 Indiërs moeten verhuizen voor deze en de 29 andere geplande megadammen in de Narmadarivier.



Negen jaar na de start van de werken is de oorspronkelijk geschatte kostprijs van een miljard dollar bijna vervijfvoudigd, hebben investeerders uit Duitsland en de Verenigde Staten zich teruggetrokken en is nog maar een vijfde van de dam af.

Half mei daagden honderden demonstranten op voor het Indiase ministerie voor Bosbouw en Milieu in de hoofdstad New Delhi. Ze hielden een zitstaking die bijna drie weken duurde. Het Indiase ministerie heeft nu de regering van de Indiase deelstaat Madhya Pradesh bevolen de werken aan de Maheshwar-dam onmiddellijk stil te leggen. De dam is een van de dertig geplande megadammen in de Narmadarivier, die van Madhya Pradesh naar de Arabische Zee stroomt.

Het ministerie eist dat de projectleiding eerst een volledig plan indient voor de verhuizing en compensatie van de bijna 8.000 families, verspreid over 61 dorpen, die door de dam hun land, inkomen en/of huis zullen verliezen. De dam dreigt zo'n 5.000 hectare land onder water te zetten, waaronder ongeveer 1.000 hectare akkerland. Op het grootste gedeelte daarvan wordt katoen verbouwd, meestal met rechtstreekse irrigatie uit de rivier. Daarnaast leven ongeveer 5.000 families van de visvangst, bootverkeer of de meloenteelt.

Tot nu toe is er van vergoedingen geen sprake. De hoofdsponsor van de dam, Shree Maheshwar Hydel Power Corp., wordt ook beschuldigd van corruptie en achterstallige afbetalingen. "Deze regio wordt algemeen beschouwd als een van de vruchtbaarste gebieden van de deelstaat", zegt Himanshu Thakkar, wetenschapper en redacteur van 'Dammen, Rivieren en Mensen', een boek over de kwestie. "We kunnen hier drie tot vier keer per jaar oogsten", zegt Sushila Bai, de sarpanch (het dorpshoofd) van Mardana, een van de bedreigde dorpen. Bai nam deel aan de actie in New Delhi. "Eén hectare kan in een goed jaar tot 300.000 roepie (zo'n 5.200 euro) opbrengen. Irrigatiebuizen uit de rivier leveren al het nodige water."

"Hoe kan iemand toelaten dat zo'n vruchtbaar land onder water wordt gezet?", vraagt Bharvi Bai uit Bhatyan, een van de andere dorpen. Zij hield samen met onder meer Medha Patkar, de leider van de Narmada Bachao Andolan (Red de Narmada-beweging) een hongerstaking van achttien dagen om rechtvaardigheid te eisen.

Hun grootste bezwaar is dat het land dat de getroffen mensen zouden krijgen simpelweg niet beschikbaar is. Een deel is land dat zelfs nog eerder dan hun eigen land onder water zal komen te staan, en de rest is privé-eigendom dat nog niet is aangekocht. Een aanvraag onder de Wet voor Openbaarheid van Documenten wees uit dat het ministerie van Bosbouw de belangrijkste dossiers over de Maheshwar-dam niet kon vinden. Ze zijn vermist.

De tegenstanders argumenteren verder dat de dam vooral energie zal opwekken tijdens de moesson, wanneer de deelstaat waarschijnlijk een energieoverschot zal hebben. Volgens hun berekeningen valt de energie van de dam ook enorm duur uit.

De weerstand tegen de dam is over de jaren alleen toegenomen. Dat heeft vele buitenlandse investeerders op de vlucht gejaagd, waaronder Bechtel in 1997, de Duitse bedrijven Bayernwerk en VEW Energie in 1999 en het Amerikaanse Ogden in 2000.

Dit jaar werd het project opnieuw gestart. Voor financiering is een beroep gedaan op de Power Finance Corporation, een Indiaas staatsbedrijf. Volgens tegenstanders gaat het staatsbedrijf daarmee in tegen een overheidsverbod. De woordvoerder van de Power Finance Corporation wil alleen kwijt dat het bedrijf niets over het onderwerp te zeggen heeft. (ADR/JS)

Deel dit artikel