Japan opent stoelendans in de VN


De Japanse delegatie in de VN opende gisteren op de Algemene Vergadering de discussie over een mogelijke uitbreiding van de Veiligheidsraad. De sterkste kandidaten voor een permanent zitje in het machtige orgaan – Japan, Duitsland, India en Brazilië – bundelen dit jaar de krachten om een doorbraak te forceren.


Japan opende gisteren (maandag) met een rapport het traditionele debat over de uitbreiding van de Veiligheidsraad op de Algemene Vergadering van de VN. 'De uitbreiding van de Veiligheidsraad moet de geopolitieke verhoudingen van de 21ste eeuw weerspiegelen', is het uitgangspunt van de Japanse delegatie. Tokio betaalt 19,5 procent van het reguliere budget van de VN en is daarmee op de VS (22 procent) na de grootste geldschieter van de VN. De bijdragen van de vier andere permanente leden van de Veiligheidsraad - Frankrijk (6,5 procent), Groot-Brittannië (5,5 procent), China (1,5 procent) en Rusland (1.2 percent) – zijn samen slechts goed voor 14,7 procent van de gewone VN-begroting. Japan levert bovendien nog eens een vijfde van het VN-budget voor vredeshandhaving. “Geen taxatie zonder representatie”, zo luidt het Japanse argument voor toetreding.
De 191 lidstaten van de VN zijn twee weken samen in New York voor de Algemene Vergadering. Naar jaarlijkse traditie wordt daar gedebatteerd over de samenstelling van de Veiligheidsraad. Het orgaan dat moet waken over de internationale vrede en de veiligheid werd sinds de tweede wereldoorlog slechts één keer uitgebreid, van 11 naar 15 leden. Maar de vijf permanente leden, die belangrijke beslissingen kunnen tegenhouden met een vetorecht, zijn nog steeds de landen die als overwinnaars uit de tweede wereldoorlog kwamen.
Japan, één van de grootste donoren ter wereld, heeft zich dit jaar verzekerd van de steun van veel ontwikkelingslanden. Naast Japan zijn er nog drie andere landen die een serieuze kans maken op een permanent zitje in de V-Raad: Duitsland, India en Brazilië. De vier zullen later op de week een gezamenlijke verklaring afleggen.
Japan en Duitsland kunnen hun economische slagkracht in de weegschaal leggen om een permanent zitje te krijgen. India en Brazilië werpen zich op als de vertegenwoordigers van het Zuiden, elk voor hun eigen regio. Van de drie ontwikkelingsregio’s – Azië, Latijns-Amerika en de Cariben en Afrika - heeft enkel Afrika geen consensuskandidaat. Zuid-Afrika, Nigeria en Egypte maken alledrie nog aanspraak op die positie. Brazilië heeft nog last van Argentijnse en Mexicaanse ambities, maar geen van de Aziatische landen loopt India voor de voeten. De Britse premier Tony Blair sprak deze week in New Delhi overigens zijn steun uit voor de Indiase kandidatuur.
De meeste lidstaten zijn het erover eens dat zowel de vijf permanente als de tien niet-permanente leden moeten uitgebreid worden. Die laatste worden door de Algemene Vergadering verkozen voor twee jaar volgens een geografische rol. Een VN-commissie voert al tien jaar een vruchteloze discussie over 'een rechtvaardige representatie'. De permanente leden van de Veiligheidsraad willen hun positie niet delen met nog meer concurrenten. De beslissing om de Veiligheidsraad uit te breiden, ligt zowel bij de V-Raad zelf als bij de Algemene Vergadering.
“Er zal pas een echte hervorming van de Veiligheidsraad komen als het permanent lidmaatschap en het vetorecht verdwijnt”, denkt Phyllis Bennis van het Institute for Policy Studies in Washington. “In de tussentijd kan de club van permanente leden wel uitgebreid worden door de regionale grootmachten van het Zuiden aan boord te krijgen – landen als Zuid-Afrika, Brazilië of India.” Maar het zal het goedkeuren van resoluties er niet makkelijker op maken.

IPS DOOR:

Deel dit artikel