Nepalees leger hapt naar adem door nieuwe rebellenacties


Het Nepalese leger werpt al zijn middelen in de strijd om de grote wegen in het land open te houden. De maoïstische rebellen hebben dit weekend een transportstaking van 11 dagen uitgeroepen om de hoofdstad Kathmandu uit te hongeren. De munitievoorraden van het leger slinken, en hulp uit het buitenland is niet in zicht.




Het is de rebellen menens: op de Prithvi-snelweg die de hoofdstad met het hinterland verbindt, hebben ze al zeven vrachtwagens in brand gestoken, met veel verkeersellende als gevolg. Het Nepalese leger begeleidde dit weekend 800 vrachtwagens om de aanvoer van levensmiddelen en onderdelen naar Kathmandu veilig te stellen.
Het leger mag zich gelukkig prijzen dat het maoistische verzet de actie maar 11 dagen wil volhouden. Volgens analisten zou een langere confrontatie de strijdkrachten echt in moeilijkheden kunnen brengen: de munitievoorraden en andere stocks van het leger zijn immers dramatisch laag. Volgens een Nepalese officier die anoniem wil blijven, kan het leger het met de huidige voorraden nog amper vier maanden uitzingen.
De voorraadbunkers aanvullen is moeilijk geworden sinds de coup van 1 februari waarmee koning Gyanendra alle macht naar zich toetrok. India, de VS, Groot-Brittannië en de overige landen van de EU – de belangrijkste bondgenoten van Nepal - hebben de staatsgreep en de daaropvolgende opschorting van de belangrijkste grondwettelijke vrijheden zwaar veroordeeld. India en Groot-Brittannië hebben alle militaire hulp aan Nepal stopgezet uit vrees dat de wapens zouden worden ingezet tegen betogers. Ook de VS, die het Nepalese leger nog 20.000 M16-geweren had bezorgd, hebben hun militaire leveringen opgeschort.
Nepal hoopt dat China of Pakistan de rol van zijn vroegere wapenleveranciers willen overnemen. Maar de Chinese minister van Buitenlandse Zaken Li Zhaoxing vertrok vorige week vrijdag na een tweedaags bezoek aan Nepal zonder dat er officieel over de zaak was gepraat. Net voor het bezoek hadden Nepalese generaals doen uitlekken dat China ermee akkoord ging Nepal te helpen bij de bouw van een fabriek die kogels kan aanmaken voor de Amerikaanse en Indiase geweren die Nepal inzet bij de strijd tegen de opstandelingen. Maar China lijkt zich niet te willen verbranden door militaire steun aan een regime dat door zoveel van zijn belangrijke partners kritisch wordt bekeken.
Eind vorige maand leek Pakistan wel over de brug te willen komen. Islamabad stuurde een economische delegatie naar Nepal die een kredietlijn van vijf miljoen dollar (3,9 miljoen euro) aanbood. Een deel van dat geld kon ook gebruikt worden om wapens te kopen in Pakistan, verklaarde de Pakistaanse minister van Economische Zaken Hina Rabbani Khar. Maar de Nepalese regering bleek niet overtuigd door het aanbod, en Khar verliet het land op 30 maart zonder dat er afspraken waren gemaakt.
Het uitblijven van wapenleveringen is niet noodzakelijk een goede zaak voor Nepal. Volgens een veiligheidsanalist van het Centrum voor Nepalese en Aziatische Studies (CNAS) in Kathmandu die anoniem wil blijven, dreigen er twee gevaren. “De maoïsten kunnen het makkelijker krijgen om de bovenhand te halen, en het leger kan zich nog meer te buiten gaan aan repressie en mensenrechtenschendingen. De internationale gemeenschap moet rekening houden met die mogelijkheden en misschien overwegen om de militaire hulp toch voorzichtig te hervatten.” (PD)

Deel dit artikel