Veetelers Mali op de dool door droogte

Nomaden in het noorden van Mali hebben te kampen met de ergste droogte van de laatste twintig jaar. Op veel plaatsen sterft het vee massaal en slaat de honger toe.

Binnenkort moet het regenseizoen beginnen in het noorden van Mali, maar momenteel weten de nomaden er niet van welk hout pijlen maken. Op zoek naar betere graasgronden zijn sommigen naar de buurlanden getrokken, maar ook daar vinden hun dieren niet veel groen.

"Sinds het einde van het vorige regenseizoen begrepen de veetelers dat ze voor een droog jaar stonden", zegt Mohamed Assaleh, de burgemeester van Talataye, een gemeente in het noorden van Mali. "Op ons grondgebied groeide nergens nieuw gras. De veehouders zijn dus ver weggetrokken. Bijna een kwart van onze mensen bevindt zich nu in de buurt van Tessit en Ouattagouna, aan de oever van de Niger. Sommigen zijn zelfs in Niger en Burkina Faso beland, op zoek naar betere weidegronden".

Droogterampen

Talataye, een gemeente van dertigduizend inwoners, maakt deel uit van de 43 gemeenten waar volgens de regering van Mali honger dreigt. Ook in sommige delen van het westen van Mali zijn water en voedsel schaars. Maar in het noorden van het land dreigt de situatie dramatisch te worden. De inwoners van Talataye vergelijken de huidige problemen al met de droogterampen van 1973 en 1984.

"Zowel hier als bij de kuddes die weggetrokken zijn, sterven veel dieren", zegt Assaleh. "Het zijn vooral schapen, koeien en ezels die het loodje leggen. De dromedarissen en geiten overleven nog op plaatsen waar bomen staan."

In alle getroffen gemeenten wordt honger geleden. "Sommige families hebben al hun vee verloren, en zelfs de mensen die nog wat dieren over hebben, kunnen nog nauwelijks rijst kopen. De markt voor dieren is ingestort; er is de voorbije tijd te veel vee verkocht", zegt Mahmoud Ag Idriss, een veeteler uit Menaka, in het noorden van het land. Volgens hem leveren vijf of zes geiten amper 24 euro op, de prijs van een zak rijst van 50 kilogram.

Hulp

De internationale hulp komt op gang, al wordt er in de getroffen gemeenten geklaagd dat er veel meer nodig is. De Malinese afdeling van het Rode Kruis verdeelt gratis levensmiddelen en ook veevoeder. Dat gebeurt met Amerikaanse hulp. De Europese Commissie heet 24 miljoen euro vrijgemaakt. Maar de hulporganisatie Oxfam International riep de donorlanden begin deze maand op meer te doen "om een catastrofe te verhinderen."

De regering van Mali zelf is ook actief. Ze leverde 389 ton sorghum aan Talataye, om gratis te verdelen. Maar dat viel niet in goede aarde. "Wij eten dat graangewas hier niet. En de dieren gaan er zelfs van dood als we het hen voederen", zegt burgemeester Assaleh. Volgens hem deed de regering er verkeerd aan geen overleg te plegen alvorens de noodhulp te versturen.

Iedereen bidt nu dat er de komende weken regen valt. "Als dat niet het geval is, staan we voor een catastrofe", zegt Abdou Salam Ag Assalat, de voorzitter van het parlement van de regio Kidal in het noordoosten van het land. "Dan dreigt er een vicieuze cirkel te ontstaan: in de steden zullen meer mensen toestromen, er zullen krottenwijken en vluchtelingenkampen verschijnen en de spanningen en conflicten zullen toenemen."

BRON:
IPS

Deel dit artikel