Wat denkt het Zuiden over de Millenniumdoelstellingen?

Wat denkt men in het Zuiden over de fameuze Millenniumdoelstellingen? We vroegen het aan Ana Rosa Cruz en Rolando Mena, twee medewerkers van partnerorganisaties van Volens in Nicaragua.

Ana Rosa CruzIn Nicaragua wordt regelmatig over de Millenniumdoelstellingen gesproken in de pers, maar de informatie wordt onvoldoende verspreid op lokaal niveau. “Ik moet toegeven dat hier weinig over deze doelstellingen wordt gesproken”, aldus Rolando Mena. Toch vormen ze volgens hem een interessant discussieonderwerp, omdat ze de ontwikkelingsthema's vanuit een bredere visie benaderen. “Ze beperken zich niet tot een technische en economische visie, maar integreren tal van sociale elementen. Toch is het niet echt duidelijk op welke manier deze thema's worden opgenomen door de internationale coöperatie.”

Ana Rosa Cruz vindt de Millenniumdoelstellingen belangrijk maar ze zijn volgens haar misschien ietwat optimistisch. “Ondanks de samenwerking die bestaat in vele landen, blijft het moeilijk om de duurzaamheid van acties in de strijd tegen armoede te garanderen.”

De eerste doelstelling, met name het verminderen van armoede en honger met de helft, is volgens Mena zeer ambitieus. “Vooral omdat de overheid de armoede niet op een adequate manier benadert. Ze moedigt bvb. de vrijhandelszones aan. De bevolking wordt niet geraadpleegd bij het bepalen van het openbaar beleid. Toch kan deze doelstelling bijdragen tot een andere visie en handelswijze bij nationale en internationale ngo's. Een visie die uitgaat van economische haalbaarheid, sociale rechtvaardigheid en ecologische duurzaamheid. Het kan er misschien voor zorgen dat bepaalde organisaties hun 'assistentialisme' laten varen”. Cruz denkt dat, om de armoede uit te roeien, er ook mechanismen moeten gecreëerd worden om de bevolkingsgroei te controleren. “Zoniet zal er altijd een spanningsveld bestaan met de beschikbare ruimte voor landbouwproductie, hetgeen armoede en honger in de hand werkt.”

Wat de doelstelling over het basisonderwijs betreft, vraagt Mena zich af hoe ze bereikt zal worden. “Het gaat om een grondwettelijk recht. Maar bij het streven naar die doelstelling moet men rekening houden met de lokale situatie, waarin de problematiek van kinderarbeid een belemmerende rol speelt. Ik heb de indruk dat men met deze factor te weinig rekening houdt.”

Een doelstelling die volgens Mena makkelijker te bereiken is, is het terugbrengen van het sterftecijfer bij kinderen. “Op dat vlak wordt al heel veel ondernomen. Hierbij is de rol van de sleutelfiguren in het dorp (vroedvrouw, gezondheidswerker, enz) niet te onderschatten, evenmin als het belang van voorlichting van de gezinnen.”

Doelstelling nummer 7,  de duurzaamheid van het leefmilieu waarborgen, laat onze partners niet onberoerd. Cruz benadrukt dat het absoluut noodzakelijk is dat de lokale overheden met hun beleid en programma's een halt toeroepen aan de systematische aantasting van het leefmilieu. Volgens Mena is het belangrijk om te breken met de vastgeroeste ideeën die hierover bestaan: “Het volstaat niet om wat bomen aan te planten om het milieu te beschermen. Er moet eerst goed nagedacht worden over de interactie tussen de mens en zijn natuurlijke omgeving binnen een bepaalde context. Ook moet men vermijden de confrontatie te willen aangaan met de lokale landbouwvisie. Het is veel efficiënter om samen naar oplossingen te zoeken.”

De laatste doelstelling tenslotte, een wereldwijde samenwerking voor ontwikkeling opzetten, is volgens Mena zonder twijfel de verstandigste. “Deze doelstelling vereist dat we ons potentieel hier en in het Noorden bundelen.  Dat is de beste manier om werkelijk vooruit te geraken. De landen, overheden en burgers moeten zich samen buigen over het thema.”

In Nicaragua en heel Latijns-Amerika, net zoals op andere continenten, is er nog heel wat werk te verzetten om de Millenniumdoelstellingen te kunnen bereiken. “Men moet beseffen dat onze regeringen t.o.v. de internationale instellingen zoals het IMF en de Wereldbank weinig manoeuvreerruimte hebben. Enkel grotere druk vanwege de internationale samenwerking op deze instellingen kan een verandering in de richting van de doelstellingen bewerkstelligen”, verklaart Mena.  Cruz vindt dat er een gemeenschappelijke agenda voor ontwikkeling zou moeten zijn tussen 'gevende' organisaties, lokale overheden, privé- en staatsinstellingen. “Anders wordt het zeer moeilijk om overeen te komen en duurzame acties te ondernemen”.
_____
Rolando Mena is coördinator van het landbouwdepartement van de Midden-Amerikaanse Universiteit van Managua in Nicaragua. Dit departement ondersteunt ontwikkelingsprocessen in het land. De boerenbevolking lijdt sterk onder armoede en marginalisering. De lage inkomens en de ongelijke verdeling van de rijkdommen binnen de landbouwsector zijn hier niet vreemd aan. Het project van de Midden-Amerikaanse Universiteit wil synergieën creëren tussen de talrijke initiatieven op het terrein. Door vormingen te organiseren, ervaringen uit te wisselen, studies uit te voeren en rechtstreekse ondersteuning te verlenen wil het de landbouwtechnieken en -productie op het terrein concreet verbeteren. Ook de opleiding van toekomstige ontwikkelingsmedewerkers draagt hiertoe bij.
_____
Ana Rosa Cruz (foto) is landbouwingenieur en werkt voor verscheidene ontwikkelingsorganisaties, waaronder Tecuilan. Deze organisatie werkt aan rurale ontwikkeling d.m.v. duurzame landbouw, agro-industrie en land- en bosbouw. Tecuilan werkt ook rond commercialisering van landbouwproducten waaronder koffie, honing, sesamolie en cashewnoten.
_____
Dit artikel werd geschreven door Yves Bartholomé, Laurent Dietsch en Alice Beck en verscheen in het driemaandelijks tijdschrift van Volens Toyí (uitgave van september 2005).

_____
Een inleefstage via Volens in het Zuiden, iets voor jou? >>> info

Volens DOOR:

Deel dit artikel