'We moeten af van dit economisch model dat steunt op ontginning'

colombia vrouwenmars tegenfossieleontginning 2[Mars van 'zwarte vrouwen tegen mijnontginning']

Tatiana Roa Avendano is een Colombiaanse milieuactiviste bij CENSAT, Friends of the Earth Colombia. Ze werd in haar thuisland al verschillende keren bedreigd voor haar steun aan de vele gemeenschappen die betrokken raakten in landconflicten met de overheid en bedrijven. Ze is één van de sprekers op het seminarie 'Andere Ontwikkeling' van  11.11.11 en Broederlijk Delen. Een interview.

 

Conflicten door ontginning en agro-industrie


Tatiana:  "Momenteel zit iedereen in Colombia vol ongeduld te wachten op de afloop van de vredesonderhandelingen tussen de FARC-rebellen en de regering. Die zijn uiteraard belangrijk, maar volgens ons zal een akkoord helaas geen einde maken aan de conflicten. Ons land telt 40 grote projecten voor ontginning of agrobusiness en die gaan telkens gepaard met landroof, milieuvervuiling en verlies aan biodiversiteit. Dit toont het failliet aan van dit ontwikkelingsmodel gebaseerd op ontginning, Maar toch blijft de regering  beweren dat dit het enige pad is dat tot meer welvaart zal leiden."

De cijfers spreken voor zich. Colombia telt bijna 48 miljoen inwoners, 30% ervan leeft onder de armoedegrens. De recente economische groei heeft vooral geleid tot meer miljonairs. Er wordt massaal ingezet op  export van ertsen en olie, hout, koffie en bloemen, maar door het verlies aan land is het ondertussen sterk afhankelijk van de import van voedsel, zoals granen, aardappelen, rijst en melk.  Die melk komt vooral uit Europa en de import ervan nam gevoelig toe na het vrijhandelsakkoord tussen Colombia en de EU. Verder zijn ook minstens 40 inheemse groepen in het oosten van het land bedreigd door olieontginning en agro-industrie."

 

Samenwerken en met alternatieven komen


colombia tatiana Roa AvendanoTatiana: "Wij investeren enerzijds in de capaciteitsversterking van lokale actiegroepen en faciliteren mee het nationale proces om de diverse sectoren, zoals de natuurbeweging, de vakbonden, boeren, stedelijke groepen en de inheemse beweging samen te brengen. Ze hebben zich verenigd in de Congreso de los Pueblos en zetten druk op de regering om haar ontwikkelingsstrategie te wijzigen, en meer aandacht te hebben voor sociale en lokale ontwikkeling.

We willen als volksbeweging met concrete alternatieven voor de dag komen, die vorm geven aan een ander economisch model. Wij willen de lokale productie en markten promoten, zodat de bevolking terug controle krijgt over haar inkomen en levensonderhoud. We zien dat dit reeds gebeurt op die plaatsen waar de boerenorganisaties sterk staan. Nu moeten we de overheid nog overtuigen dat dit een leefbaar alternatief is. Dat wordt niet makkelijk, want het is net de politieke elite die door haar nauwe banden met de bedrijfswereld, het meest baat heeft bij het huidige ontwikkelingsmodel. Bedrijven krijgen allerlei incentives, zoals vrijstelling van belasting. Zo geven onze beleidsmakers zichzelf en hun politieke vrienden fiscale geschenken."

 

Nieuwe adem voor verzet tegen ontginning


'Congreso de los Pueblos' bestaat nu ongeveer 10 jaar en heeft het verzet tegen nieuwe ontginningsprojecten terug aangewakkerd. En de organisaties staan niet alleen. Door hun acties hebben 2 burgemeesters na een publieke consultatie verzet aangetekend bij 2 grote mijnprojecten. De centrale overheid probeerde dit naast zich neer te leggen maar werd daarop teruggefloten door het Grondwettelijk Hof.
 
De civiele maatschappij heeft de verdomde plicht om een ander ontwikkelingsmodel te bepleiten. We moeten af van onze verslaving aan een economisch model dat steunt op ontginning, en volop inzetten op een model dat de bevolking terug centraal zet, met meer maatschappelijk welzijn in plaats van welvaart voor een kleine elite. De recente mars van honderden zwarte vrouwen op Bogota symboliseert deze strijd. Zij kwamen te voet naar de hoofdstad om het recht op land te bepleiten, en vragen de overheid kordaat op te treden tegen illegale mijnbouwbedrijven in hun leefgebieden."


Deel dit artikel